De data is veilig

Taal is geen wiskunde. De stelling van Pythagoras is vandaag nog net zo waar als 2500 jaar geleden. Maar taal, ofschoon ook onderhevig aan regels, is een organisch groeisel dat ademt en beweegt. Grammatica is dan ook beschrijvend – niet voorschrijvend. Want taal verandert.

En toch zijn  er regels. ‘De huis’ is fout. Net als ‘zei loopte’. Maar als een fout nou maar vaak genoeg wordt gemaakt, wordt ie vanzelf goed. Dan passen de taalkundigen de regels gewoon aan. ‘Hun zeggen’, of  ‘groter als’ zullen zeer binnenkort goed gerekend gaan worden.  Een wiskundige zul je dat niet zien doen. Al zeggen honderd miljoen mensen een eeuw lang dat een plus een drie is, dan nog rekenen ze het fout.

Als voice-over bewandel je daardoor een glibberig pad. Enerzijds behoor je opdrachtgevers voor blunders te behoeden door ze op tekstfouten te wijzen, anderzijds wordt je bemoeizucht niet altijd serieus genomen, of zelfs ook maar begrepen.

Zo wordt ‘er mist iets’ door veel mensen niet meer als fout ervaren. Bij mij gaat er onmiddellijk een alarmbelletje af dat roept dat het ‘er ontbreekt iets!’ moet zijn. Maar als ik een klant daar op wijs word ik glazig aangekeken. En dan ben ik wel zo hoerig om het gewoon fout in te spreken, al krijg ik het nauwelijks mijn strot uit. Hetzelfde geldt voor ‘daar irriteer ik me aan’. Geen hond die dat nog als fout ervaart. Ik mag me daar niet aan ergeren…  pardon: irriteren. Taal verandert.

Laatst kreeg ik het script voor een radiocommercial voor mijn neus. ‘Hoe veilig is jouw data?’ stond er. Even de klant gebeld voor overleg: ‘Data’ is meervoud!, doceerde ik. De dame aan de telefoon had geen idee waar ik het over had, bedankte me voor het meedenken en raadde me aan wat ik toch al van plan was: inspreken in twee versies, met ‘is’ en ‘zijn’. Natuurlijk kreeg ik rode vlekken in mijn nek en moest ik een uur aan de beademing nadat ik het grammaticale wangedrocht over mijn lippen had laten rollen. Maar ja, de schoorsteen, he… En het laat zich raden welke versie er uiteindelijk gebruikt werd.

Jeroen Kramer is van beroep ‘voice-over‘, ook wel stemacteur, commentaarstem of inspreekstem genoemd. Hij beschrijft zijn observaties over dit toch wat vreemde beroep in een wekelijks stukje. Meer van Jeroen lezen? Bekijk het overzicht op  VOICE NOISE

Visited 61 times, 1 Visit today

andere columns

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

3 Comments

  • Jeroen Kramer 3 maanden ago

    Maar ja, zoals betoogd, taal is geen wiskunde – het verandert. Past ons eigenlijk een oordeel?

  • Oops, toch nog twee ‘typos’ door die kleine kut-toetsen op mijn iPhone

  • EEN AANTAL MENSEN ZIJN

    ervan overtuigd dat dit goed Nederlands is. Ik geef meestal vrijblijvens aan waar er fouten in de tekst zitten. Maar zoals het kwaliteitsbesef aan klantenzijde afneemt, dit door het toegenomen aantal ‘stemacteurs’ ook al onder druk staat, maak ik me doorgaans weinig illusies
    Inspreken is een vak, journalistiek en tekstschrijven ook, zoveel heb ik de afgelopen 45 jaar wel geleertd.